Mooi vormgegeven boeken met een culturele, historische of literaire insteek
Een Heerlense ziel

Een Heerlense ziel

Het dagboek van scholier Jef Oostwegel 1933,1934

Camille Oostwegel sr.

ISBN9789079226962
Aantal pagina's144
UitgavePaperback
UitgeverLeon van Dorp
€20.00

Dagboek

Ja, pubers, leer ze mij kennen. Ik was een nakomeling van zes broers die allemaal achtereenvolgens de puberteit doormaakten. Moeilijke knapen, gierende hormonen. Het is ook allemaal te lezen in het dagboek van de jonge Jef Oostwegel. Toch heb ik nooit een jongen gekend die ‘dagboek’ schreef. Wat bezielde hem om dat wel te doen? Bij de eerste pagina begint hij heel dreigend: Wie zich de brutaliteit veroorlooft de inhoud hiervan door te lezen is de grootste schoft die ik ooit in m’n leven ontmoet heb en zal ontmoeten. Toch laat hij 3 januari zijn dagboek al aan een vriend lezen.

Ofschoon hij schrijft in 1933 en 1934 is voor mij nog veel herkenbaar. Het dagelijks naar de kerk gaan. Goede Vrijdag geen vlees eten. De zondagen, ook gevuld met mis en vesper. Herkenbaar dus.
Hij moet wel een bijzondere belangstelling voor film hebben gehad want hij gaat vaak met vrienden of alleen naar de bioscoop en vindt het belangrijk dat te noteren. Om ‘de ­namen van de film altijd als een herinnering voor later, als dit manuscript eens zijn waarde zal hebben.’ De titels, de acteurs en soms geeft hij in het kort zijn mening.

Het puberale verlangen naar een vriendin is ontroerend evenals de verlegenheid om zo’n meisje aan te spreken. Het komt vaak voor in dit dagboek. Op 14 mei zit hij naast Nora aan de communie­bank waar hij ‘de stroom die van haar uitgaat tot in de dikke teen voelt.’
Maar na een paar maanden merkt hij dat de dagelijkse aantekeningen spanning missen. Die twijfel komt wel vaker terug. Zo ook op 10 juni. ‘Het is iedere dag hetzelfde.’ Bij herlezing wordt hij beroerd van zijn eigen gezwam.

Ja. meisjes, avontuur met vrienden, uitgaan, dat is wat een puber wil en dat wil hij ook. Genieten van vakantie en de pest in hebben als die weer voorbij is. De lessen, de leraren, het komt allemaal voorbij met zijn commentaar.

Maar op 13 november besluit hij te stoppen met het dagboek om op 18 mei 1934 weer te beginnen maar dan heeft hij ‘alle liefde uit zijn hart verbannen.’ Dat zal niet lang duren. Daar is dit puberale hart te onrustig voor. Maar ondanks zijn dreigement aan het begin van dit dagboek zal met de publicatie zijn diepste wens toch vervuld worden.
Het is een interessant tijdsbeeld van jongeren in de vroege vorige eeuw.

Rosalie Sprooten, schrijfster

Ja, vaders
Oh, die vaders
Ze gaan heen, maar ook weer niet want ze keren gauw terug. En ze komen in je dromen, ze komen wanneer je verdrietig bent, wanneer je raad nodig hebt en onverwachts vind je hun schriften in een la, in een kast, waar men denkt dat ze verloren zijn gegaan.
Ze zijn niet verloren gegaan, ze komen altijd terug.
Geloof je me niet? Blader dan door de schriften van de vader van Camille.
Laat ze gaan, laat ze komen.
Mijn salam voor hen allemaal en de dierbare van Camille.

Kader Abdolah, schrijver

Recent verschenen

Kalle mit de komkommere - Nachtegaal reeks 3
Kalle mit de komkommere - Nachtegaal reeks 3
Auteur

De journalist en dichter-schrijver Wim Kuipers (Maasniel 1939) publiceerde vanaf 1979 poëzie in het dialect van de streek waar hij opgroeide, experimentele gedichten in vaak hallucinerende beelden, die getuigen van een intense beleving van natuur en boerenland, een uitbundige fantasie en groot mededogen met het lijden van mens, dier en gewas. Maar ook de gemankeerde moderne mens en de onbegrepen dichter komen we tegen in zijn gedichten, die boven alles een lofzang zijn op de Limburgse taal. Joep Leerssen was hoogleraar Europese Studies aan de Universiteit van Amsterdam en is tegenwoordig als emeritus-hoogleraar ‘Limburg en Europa’ (Universiteit Maastricht) verbonden aan het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg.Ben van Melick en Ine Sijben schreven de prozavertalingen en commentaren bij de bloemlezing, ze zijn beide actief op het gebied van de Limburgse letterkunde en vormen de inhoudelijke redactie van de Nachtegaalreeks.Kalle mit de kómkómmere is het derde deel van de Nachtegaalreeks. De bijzondere vormgeving is in handen van Piet Gerards en Ton van de Ven. Citaten‘Wim kalt mit de komkommere’, zei z’n vader vroeger als hij weer eens achterbleef bij de pluk en in dromerijen opging. Inderdaad, Kuipers droomt zich een dorp en een tijd, maar met echte mensen. Absoluut geen folklore, geen nostalgie: keihard is de wereld die hij oproept. (Ben van Melick)Gefluisterd vuurwerk, zot geknotter, een genot van assonantie en associatie, lyrisch en energiek onder de serieuze en vaak sombere thematiek. Dat is wat Kuipers een hele, hele grote dichter maakt. (Joep Leerssen)VerkoopTe koop à 14,95 in de boekhandel of te bestellen bij Uitgeverij Leon van Dorp en het LGOG.Eerder verschenen in de Nachtegaalreeks (à 10,00)‘Gekheid, mer neet boete de schraom.’ De carnavalsbuut in Limburg. Inleiding en bloemlezing door Guus Urlings. Nachtegaalreeks 2. LGOG/Veldeke, Maastricht 2021‘Den duvel van de middig goof ós vriej.’ De dichter Paul C.H. van der Goor (1932-1983). Inleiding en bloemlezing door Pim Thielen. Nachtegaalreeks 1. LGOG/Veldeke, Maastricht 2021